Met z’n twintigen in een tent: een doktersspreekuur in een vluchtelingenkamp in Adana

­­­Wat drijft een jonge arts om af te reizen naar Turkije voor medische hulp in een vluchtelingenkamp? Dokter Vahid (35) is chirurg in Engeland en besloot als vrijwilliger met United Aid Network mee te gaan op een hulpmissie naar Adana. Ik sprak met hem over zijn ervaringen en vroeg hem hoe het is als enige arts op een plek waar geen medische voorzieningen aanwezig zijn.

Waarom ben je als vrijwilliger naar Adana gegaan?

Ik heb de aangeboren drang om anderen te willen helpen, daarom ben ik ook dokter geworden. Ik heb nu een mooi huis en een auto, maar het is ook wel eens anders geweest. Mijn ouders kwamen vanuit Kashmir naar Engeland en we hadden het niet makkelijk. We hadden niet veel geld en sliepen met z’n zessen in twee slaapkamers. Ik weet nu hoe het is om in welvaart te leven, maar ik heb ook ervaren hoe het is om met weinig te moeten leven. Het geeft me een goed gevoel om mensen te kunnen helpen die het minder goed hebben dan ik. In zekere zin ging ik dus ook wel voor mezelf, zodat ik meer kan waarderen wat ik heb.

Er is veel armoede in de wereld. Waarom ging je juist naar een vluchtelingenkamp?

De vluchtelingen hebben er niet voor gekozen om hier nu te zijn. Ze zijn door oorlog weggedreven uit hun woonplaatsen, hun familieleden zijn misschien wel vermoord, of omgekomen door aanslagen. De oorlog heeft de structuur uit hun levens gerukt, alles is van ze afgenomen. Misschien hadden ze in Syrië ook niet alles, maar daar waren ze in ieder geval met hun familie bij elkaar en hadden ze stabiliteit en routine. Dat is waarom ik naar een vluchtelingenkamp ben gegaan. Natuurlijk wil ik ook helpen op andere plekken waar armoede is, maar ik kan maar één ding tegelijk.

3

Wat trof je als arts aan in Adana?

Er was niets beschikbaar qua medische voorzieningen, dat was bij aankomst echt een schok. We moesten zelf iets improviseren in één van de tenten. Omdat er geen hulpmiddelen waren, kon ik alleen maar diagnoses stellen op basis van de verhalen van de patiënten. Ik merkte dat veel mensen dezelfde klachten hadden, zoals diarree, griep en verkoudheid, allemaal verschijnselen die gerelateerd zijn aan de slechte kampomstandigheden.  Ik kan daarvoor wel medicijnen voorschrijven, maar nog beter is het als we die klachten voorkomen door de gezondheidssituatie in de kampen te verbeteren. Betere hygiëne, voeding en schoon drinkwater zijn de beste manieren om zulke klachten te voorkomen.

Trof je ook ernstigere klachten aan?

Er waren twee baby’s, een tweeling, met ernstige huidproblemen. Die moesten echt naar het ziekenhuis voor antibiotica. Dat is uiteindelijk ook gebeurd op mijn advies en de baby’s zijn door die behandeling zichtbaar hersteld. Daarnaast waren er kinderen met oorinfecties en luchtweginfecties. Er was ook een man met een infectie in zijn enkel. De behandeling daarvoor duurt gemiddeld twaalf weken, maar ik was er maar een week. Ik kon hem alleen wat antibiotica geven, maar eigenlijk moet hij op regelmatige basis een dokter zien. Wat me het meeste zorgen baart, is dat ik deze mensen nu niet meer terugzie. Ze hebben echt regelmatige controle nodig, het liefst telkens door dezelfde arts. Die is er nu niet.

Hoe zouden we dat kunnen oplossen?

Ten eerste moet er een medische registratie komen van de klachten van de patiënten en wat er is voorgeschreven. Dit voorkomt bijvoorbeeld dat een medicijn dat niet goed heeft gewerkt, opnieuw wordt voorgeschreven door een volgende arts. Maar zelfs zo’n registratie lost nog niet alles op, want voor sommige behandelingen is het echt nodig dat er elke week een dokter is, die naar het verloop van het herstel kijkt. Dat kan alleen als een arts daar voor langere tijd blijft, maar dat is dan weer lastig, omdat alle dokters hier vrijwilligers zijn.

Je zei dat je je zorgen maakt om de mensen die je gezien hebt. Kun je dat toelichten?

Ik maak me grote zorgen, vooral als ik er te veel over nadenk. Ze hebben geen toegang tot de medische voorzieningen die ze nodig hebben en de algehele leefomgeving in het kamp is ongezond. Bovendien leven ze dicht op elkaar, waardoor ziektes snel kunnen verspreiden. De kinderen lijden het meeste onder de slechte omstandigheden, er is overal stof en zand en niet altijd genoeg warmte. Als de situatie niet verbetert, kan dat ernstige en zelfs dodelijke gevolgen hebben. Dus ja, als arts maak ik me daar zeker zorgen over.

2

Hoe was het om patiënten te behandelen in deze geïmproviseerde setting?     

Het was heel vermoeiend, op sommige avonden zat ik wel vijf uur achtereen zonder pauze. Op gegeven moment voelde ik me zo overwerkt, alles deed pijn en ik kon amper nog helder nadenken. Er was geen moment waarop ik even kon zitten om rustig na te denken over de beste behandeling.

Waarom pakte je dat rustmomentje niet?

Ik wilde het heel graag, maar er bleven maar mensen de tent binnenkomen. Telkens als ik dacht dat het klaar was, kwamen er weer nieuwe mensen. Op een bepaalde manier voelde ik me ook schuldig om een pauze te nemen. Elke minuut die ik niet gebruikte, betekende een minuut minder hulp, waardoor sommige mensen misschien niet meer aan de beurt zouden komen.

1

Hoe heb je het contact met de patiënten ervaren?

We zaten met z’n allen in één tent en er was amper privacy voor de patiënten. Dat was niet ideaal, vooral omdat de patiënten grotendeels vrouwen met hun baby’s waren. Soms moest ik vrouwen persoonlijke vragen stellen over bijvoorbeeld een zwangerschap en ik voelde me daar als mannelijke arts niet altijd even gemakkelijk bij. Eén keer heb ik de aanwezige mannen gevraagd de tent te verlaten, zodat de vrouwen iets meer privacy hadden. Bij ons is een dergelijke situatie ondenkbaar, stel je eens voor dat je je klachten voorlegt aan de dokter terwijl twintig vreemden met je meeluisteren! Niemand vindt dat toch prettig?

Heb je het idee dat je je doelen bereikt hebt?

Ja en nee. Ik ben blij dat ik ben gegaan en ik heb gedaan wat ik kon. Toch frustreert het me dat ik niet weet hoe het nu met de patiënten gaat en of mijn adviezen en de medicatie geholpen hebben. De enige manier om daarachter te komen is door terug te gaan en dezelfde mensen opnieuw te zien. Ik zou me nu natuurlijk ook kunnen aanmelden voor een ander project, maar ik wil juist terug naar dit kamp, omdat ik hier nu iets heb opgebouwd. Bovendien weet ik nu wat de situatie hier is, waardoor ik me de volgende keer beter kan voorbereiden.

Dit interview is gepubliceerd op Nieuwwij.nl
Foto’s door Monju Meah

Advertisements

Leave a Reply

Fill in your details below or click an icon to log in:

WordPress.com Logo

You are commenting using your WordPress.com account. Log Out /  Change )

Google+ photo

You are commenting using your Google+ account. Log Out /  Change )

Twitter picture

You are commenting using your Twitter account. Log Out /  Change )

Facebook photo

You are commenting using your Facebook account. Log Out /  Change )

Connecting to %s